Niet gezien

Ze was in ItaliĆ« geweest en stond bij de toren van Pisa toen een man daarvan af sprong. Hij rende rondjes op de hoogste verdieping. Beneden keek iedereen naar deze gek. Tot hij ineens ‘ti amo’ schreeuwde en in de lucht stapte. ‘Ik keek weg, ik dacht er niet bij na, het ging automatisch. De anderen om me heen keken ook weg,’ vertelde ze. Ze hoorde hoe tientallen meters verderop zijn lichaam tegen de grond smakte. De aarde bewoog even. ‘Ik ben heel blij dat ik het niet heb gezien.’
Ik zette daar een verhaal tegenover, omdat er nu eenmaal de menselijke neiging bestaat om op een verhaal te reageren met een eigen verhaal. Liefst groter, sterker, erger of op z’n minst even erg. Het is niet mijn favoriete menselijke neiging.
Ik had een verhaal dat niet in de buurt kwam, toch wilde ik het vertellen. Ik was aan het zappen toen er Spaanse film voorbij kwam. Ik bleef hangen. Ik was gefascineerd door het vreemde gedrag van de hoofdpersonage, een vrouw van in de dertig. Op een gegeven moment lag ze zomaar op de grond te kermen. Een jammerklacht dat door merg en been ging, van bovenaf gefilmd. Voor mijn gevoel ging het minutenlang door. Het kon niet anders dan met de dood te maken hebben. Ik deed mijn best, maar hield het niet vol. Ik zette de tv uit, keek uit het raam, naar het licht bij de overburen.
Naar een gek kun je kijken, naar wanhoop niet – dan kijk je weg.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *