Willem

Mijn ouders hebben een nieuwe buurman en hij heet Willem. Hij is ongeveer even oud als ik, alleen een stuk handiger. Dat was in elk geval mijn eerste indruk. Ik ontmoette hem toen hij met een soort van snoeiapparaat in de weer was. Er moest nog veel gebeuren in en om het huis, vertelde hij. Hij was een gemakkelijke prater. Zo had hij op de dijk ook al met wat dorpelingen gesproken.
.
Ik hoef me over mijn pensioengerechtigde ouders geen zorgen meer te maken nu ze Willem in de buurt hebben. Niet dat ik dat ook echt deed. Mijn vader viel dit voorjaar van de trap van de voerwagen en liep zes weken met een gebroken botje in zijn hand voordat hij naar de dokter ging. De hand moest alsnog negen weken in het gips. Dat maakte hem nerveus, maar dat kwam omdat onzeker was of met die gipsen hand een geplande vliegreis wel door kon gaan. Hij mocht aan boord, bleek vlak voor vertrek.
.
Komende week loopt mijn vader voor de zesde keer de Vierdaagse. Hij doet dat altijd zonder voorbereiding en in z’n eentje. De eerste keer belde ik iedere avond om te vragen hoe het was gegaan. Telkens verwachtte ik een zwaar verhaal, eindigend met het nieuws dat hij was uitgevallen. Maar nee, mijn vader ging goed, hij had het prima naar z’n zin. Op vrijdag prijkte de medaille op zijn borst.
.
Buurman Willem vroeg of de Vierdaagse aan zijn nieuwe huis voorbij zou trekken. Hij had jaren op de St. Annastraat gewoond, dus hij wist waar hij het over had. Hij reageerde enigszins teleurgesteld toen ik vertelde dat de stoet 300 meter verderop langs zou komen. Maar hij zei dat hij zeker ging kijken. Dat was dan alvast geregeld. Willem zou op mijn vader letten.
.
Deze column verscheen in De Gelderlander.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *