Geheim

‘En?’ vroeg ik aan mijn broer anderhalve maand geleden. ‘Zijn jullie al begonnen?’
‘Ja, we zijn begonnen.’
Stilte. Het was zeer de vraag of er nog meer kwam. Uiteindelijk vertelde hij dat ze ‘iets’ hadden gekocht, maar dat daar nog ‘veel’ aan gedaan moest worden. Daar moest ik het mee doen.
.
Bij het bouwen van een carnavalswagen is het geheim houden van je creatie de helft van het plezier. Niet alleen mijn broer heeft dat goed begrepen. Een paar weken geleden stapte ik bij hem over de drempel en toen stond mijn schoonzus daar met haar hoofd in een kartonnen doos. Ze zei iets, maar ik kon het niet verstaan. Ze zette de doos af en knipte er een rond gat in, bedoeld voor het gezicht.
‘Dit is een prototype. We gaan het maken van purschuim.’
Daar moest ik het mee doen.
.
In de tijd dat ik zelf nog meeliep in de Beuningse optocht ging ook alles in het geniep. Het was een doodzonde als iemand zijn nieuwsgierigheid niet kon bedwingen en bij de concurrent in de schuur ging kijken. Vaak wist je dan nog niks. Alleen het vermoeden dat de ander met iets groots en moois bezig was werd bevestigd. Het geloof in een goed resultaat voor je eigen groep verkruimelde.
.
Het laatste wat mijn broer over de wagen zei, was dat hij ‘heel veel’ slaapmatjes bij de scouting had opgehaald. Hij deed ’t erom. Op internet vond ik foto’s van vrienden van mijn broer die aan het verven waren en van stukken stof onder een naaimachine. Steeds die focus op het materiaal, maar wat werd het nou?
.
Over een week sta ik langs de route. Dan is het maar te hopen dat hij in dat purschuim wel te herkennen zal zijn. Anders weet ik nog niks.
.
Deze column verscheen in De Gelderlander.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *