Communicatie

Hoe maak je de ander iets duidelijk? Het is een kwestie waar de mens al eeuwen mee worstelt en waar tegenwoordig tal van studies en beroepen voor bestaan. Niet vreemd, want zelfs binnen een familie kan het begrijpen van de ander een hele uitdaging zijn.

Deze week reed ik over de Schoenaker. Mijn jongste dochter zat achterin en had het over ‘auto piesie’ of zoiets. Ik dacht dat het ging over de kindermuziek die op stond. Ik snapte het niet.
‘Een auto?’ vroeg ik.
‘Auto piesie,’ herhaalde ze ongeduldig, ‘tatu tatu!’
Ah, een politieauto! En inderdaad, in de verte zag ik nog net een glimp van een dienstwagen.
Ik was blij dat ik haar begreep en trots op haar oplettendheid. Maar ik voelde me ook beschaamd dat zij zich had moeten verlagen tot babytaal (tatu tatu) om mij iets duidelijk te maken.

Een tijdje terug hielp ik mijn broer met het opruimen in onze oude stal. Ik had een buis in mijn handen en vroeg waar die heen moest.
‘Naar het kleine hok.’
Ik keek rond en deed mijn best te begrijpen wat hij bedoelde, maar ik wist het niet. Toen ik vroeg welk hok, moest hij nadenken. Hoe kon hij het me uitleggen. Voor hem was ‘het kleine hok’ een logische omschrijving en eigenlijk zou dat ook genoeg moeten zijn. Hoe vaak ik niet in deze stal heb gewerkt en gespeeld, ik ken elke vierkante meter. Maar ik heb er nooit woorden aan hoeven geven. Mijn broer ook niet.
‘Bij de kapstok,’ zei hij, ‘naast die deur daar.’  

De familieklassieker in dit genre komt van mijn neef. Hij ging toen hij jong was eens op bezoek bij mijn oma en vertelde haar heel enthousiast dat hij een nieuwe fiets had gekregen. Mijn oma was slechthorend en had hem niet verstaan. Mijn neef verhief zijn stem en zei nog eens dat hij een nieuwe fiets had gekregen. Het hielp niet.
Toen riep hij: ‘Ik heb een nije fiets gekregen!’
‘Zo zeg!’ zei oma, ‘heb jij een nije fiets gekregen?’

Deze column verscheen in De Gelderlander. 




Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *