Alles is politiek

Toen mijn oudste dochter haar eerste woorden op papier zette, vroeg mijn vader of ze links of rechts was. “Rechts”, zei ik. “O”, zei mijn vader zogenaamd verbaasd, “ik dacht dat ze in Nijmegen allemaal links waren”. 
Padoem pats. 

Toen ik in de eerste lockdown wekenlang niet naar de kapper kon, vroeg mijn broer of ik mijn haar net als die andere mannen in de stad in een knotje ging dragen. “Nee”, zei ik. “En ik heb ook nog geen bakfiets aangeschaft.”

Vertel me waar je woont, wat je eet, welke kleding je draagt en ik weet waar je op stemt. Politiek zit in alles. Misschien dat ik het daarom waardeer als iemand speelt met de verwachtingen. Willem Engel bijvoorbeeld. Hij ziet eruit als een linkse jongen. Dat hij een dansschool heeft, maakt het plaatje compleet. Maar hij wil niet meer overheid, maar minder. Veel minder. Hij is eerder rechtser dan rechts. Dat hij met zijn uiterlijk iedereen op het verkeerde been zet, is wel echt het enige wat ik aan hem waardeer. 

Mijn oom heeft in het verleden ook met verwachtingen gespeeld. Jarenlang zat hij namens GroenLinks in de gemeenteraad van een villadorp. Voor de vergaderingen trok hij altijd een net pak aan. Daarmee ontkrachtte hij een vooroordeel van zijn rechtse collega’s, die flink in de meerderheid waren. Het was ook een soort camouflagepak, een manier om ervoor te zorgen dat ze tenminste voor even naar hem zouden luisteren.  

Mijn dochter draagt jurken, rokken en broeken. De ene dag skeelert ze rond op de boerderij, de andere dag in de stad. Als je naar haar benen kijkt dan zie je rechts schaafwonden en links blauwe plekken. Nog zeker drie kabinetten mag ze apolitiek zijn. Daarna ook nog, maar dan is het een keuze en daarmee dus politiek. Ik ben benieuwd hoe ze het spel gaat spelen. 

Deze column verscheen in De Gelderlander.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *