Dominicus

In mijn tijd op de middelbare school had ik weinig met het Dominicus College. De stuudjes van de Energieweg liepen regelmatig door onze gangen, omdat ze gebruik maakten van ons ultramoderne technieklokaal. Ze hadden geen gel in hun haren, droegen bijna allemaal brilletjes, spraken in volzinnen en hielden hun kinnen hoog. Ook zag je ze soms in hun zwart-witte tenues op de velden achter onze school rennen. Dan lachten we ze uit, want wij hadden geen verplichte gymkleding.  

Ik zat op Nijmegen-West aan de Dennenstraat. Ik had de school gekozen vanwege de kleinschaligheid – slechts 600 leerlingen – en het mooie, oude gebouw. Bovendien werkte er in mijn eerste jaar nog een non bij de administratie, toen al een verschijning uit vervlogen tijden. Tijdens mijn havojaren vond er een fusie plaats, maar daar kreeg ik weinig van mee. Wel kwam op mijn rapport ‘Dominicus College Nijmegen-West’ te staan. Dat vond ik heel stom, maar ik was dan ook een puber. Nadat ik mijn diploma haalde, ging het gebouw plat en vertrokken de leerlingen die na mij kwamen naar de Energieweg. 
 
Een kwart eeuw later kijk ik met een heel andere blik naar het Dominicus College, onder meer door het contact met een oud-docent en een oud-leerling. Die laatste toonde me onlangs zijn perspectief: hij was altijd bang dat we hem iets aan zouden doen als hij door de gangen van Nijmegen-West liep.  

Inmiddels dreigt een nieuwe fusie. Mogelijk wordt het Dominicus opgeslokt door het Kandinsky College. Reden: te weinig leerlingen. Kleinschaligheid is wat iedereen al jaren wenst, maar ondertussen blijven de leerfabrieken groeien. Hyperefficiëntie en kortetermijndenken domineren nog altijd het beleid. Zo bezien heb ik meer ontwikkeling doorgemaakt dan de hoge piefen in het voortgezet onderwijs.

Deze column verscheen in De Gelderlander.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *