Lift

Er was onweer en de bliksem sloeg bij ons in. De schade in de flat viel alleszins mee, alleen de lift wilde niet meer in beweging komen. Ze zouden hem meteen komen repareren, dat hoorde bij de 24-uurs service van het liftbedrijf, maar het was vrijdagavond en het weekend stond voor de deur, de telefoon bij het liftbedrijf werd niet meer opgenomen. Het kwam erop neer dat ik die avond meehielp de elektrische rolstoel van Frank naar boven te krijgen. Terwijl Frank zich stevig vastgreep aan de leuning en zich op die manier moeizaam omhoog trok – zijn magere, wankele benen er slepend achteraan – liep ik hem samen met twee anderen een paar keer voorbij met de onderdelen van de rolstoel. Ik droeg het onderstel van het voertuig, die was het zwaarst. Ik was blij dat ik iets voor mijn medemens kon doen, ik voelde me heel nuttig en dankbaar, maar ik was ook blij dat hij niet nog een verdieping hoger woonde. Uiteindelijk bleef de lift het hele weekend buiten gebruik, want de 24-uurs service van het liftbedrijf was ook weleens toe aan weekend. Op zaterdag en zondag dacht ik steeds aan Frank die boven in zijn rolstoel zat, maar niet naar beneden kon. Ik wist nu waar hij woonde, maar ik durfde niet meer te gaan kijken, bang als ik was dat ik straks het onderstel weer naar beneden moest sjouwen. Op maandag werd de lift gerepareerd. Een paar dagen later hing er een briefje aan het prikbord in de hal waarin Frank ons uit de grond van zijn hart bedankte.  

Google mensen uit je verleden

Voor het online magazine Hard//Hoofd schreef ik een tip van algemeen nut: Google mensen uit je verleden. Het is een hobby die verslavend kan werken.
.
‘Het googelen van mensen uit mijn verleden geeft me de macht over tijd en ruimte – iets wat alleen lijkt voorbehouden aan fictieschrijvers.’
.
Het stuk lees je hier.

Voorstelling

Samen met singer-songwriter Down in Norway (alias Juliet Van de Voort) heb ik een kleine voorstelling gemaakt over mijn verblijf in het verzorgingshuis in Eindhoven. De voorstelling heet Sommige bomen houden hun blad langer vast dan andere.
De premiere vindt plaats op 9 en 10 september in Theater VIER in Nijmegen (Derdewalstraat 98). Er zijn dan ook optredens van o.a. schrijver Elske van Lonkhuyzen en dichter Koen Frijns.
Om te reserveren stuur je een mailtje naar sommigebomen@gmail.com en geef aan welke dag je komt.
We hebben ook een website met meer info, zoals het hoort. Hier komt het adres (zet je schrap):

www.sommigebomenhoudenhunbladlangervastdanandere.wordpress.com 

sommigebomen-1-12

Believe

Er valt hier niks te beleven, zei ik tegen mijn dochter van zeven maanden, en ik vertaalde het meteen voor haar (in het kader van tweetalig opvoeden) naar loepzuiver Engels: There is here nothing to believe.

Je mag mij hier begraven

‘Hoe kan ik ooit geloofwaardig maken dat een stad mij gelukkig maakt?’ schrijft Ilja Leonard Pfeijffer in La Superba. Gerjon Gijsbers gebruikt de quote in zijn column en ik jat hem hier maar even. Woensdagnacht, middenin de Vierdaagsefeesten, schreef ik in een dronken bui een lofzang op Nijmegen. Ik was euforisch over zowel de stad als de tekst, maar toen ik de volgende dag het stuk wilde uittikken, dacht ik: nou, nou, nou. Dit was de enige zin die een beetje overeind bleef:
‘Je mag mij hier begraven en je mag dansen op mijn graf, het liefst in deze week.’Dikkefissa
En het was me een week. Natuurlijk met het dansen en het drinken, maar ook met de Wintertuintalkshows, met de Dikke fissa hier in Nimma-stickers van Jolijn Ceelen, de dragshow op Roze Woensdag, de openhartige gesprekken op de meest onverwachte plaatsen en het tot twee keer toe mislopen van mijn vader die de Vierdaagse voor de tweede keer meeliep en die ik wilde begroeten.
Ik heb geleerd dat je als je in Rome over straat loopt, naar een ruïne kunt wijzen en kunt zeggen: ‘Dat hebben we in Nijmegen ook’  (aldus Henny Linders, van de buurtsuper Jan Linders in Waterkwartier die zijn naam heeft veranderd in Henniecee).
Ik heb geleerd dat het weinig had gescheeld of de Vierdaagse was vlak na de oorlog, toen Nijmegen in puin lag, vergeven aan Utrecht, Apeldoorn of Breda. Mede dankzij de opa van theatermaker en schrijver Ilse Schaminee, die in een actiecomité zat, is dit voorkomen. Anders hadden we nu een heel zwaar en somber weekje gehad.
Ik heb geleerd dat je je fiets niet in de steeg achter het casino moet zetten. Ondanks dat wildplassers honderd meter de steeg in moeten lopen voor ze bij je fiets zijn, zullen ze het niet laten. Zeker niet omdat het de enige fiets is die er staat, je lokt het zelf uit.
Ik heb geleerd dat het moeilijk is om geloofwaardig te maken dat een stad mij gelukkig maakt en dat ik een lofzang op Nijmegen soms beter aan anderen over kan laten. Bijvoorbeeld aan Gerjon Gijsbers, zijn prachtstuk met een bijrolletje voor Beuningen lees je hier.
Of aan Lisa Weeda, die de stad beziet als ‘randstadkutje’, haar fraaie liefdesverklaring lees je hier.

Pollygoonjournaal (3)

‘Elke keer als Polly haar opa in het oog krijgt, stopt ze met het bewegen van haar armpjes en beentjes en kijkt hem doordringend aan. Het duurt niet lang of er verschijnt een pruillipje en ze begint te huilen.’
.
Het derde en laatste Pollygoonjournaal staat online. Over zwijgen en over de tegenvallers van het vaderschap. Je leest het hier.

Pollygoonjournaal (2)

‘Ik vind Polly de mooiste baby die er bestaat. Als ik naar andere baby’s kijk, zijn ze altijd net iets minder mooi dan zij en soms een heel stuk minder mooi. Maar als ik foto’s van Polly in haar eerste weken bekijk en ik eerlijk tegen mezelf ben, dan vind ik dat ze toen ook niet zo heel mooi was. Het kan zijn dat ze elke dag mooier wordt, het kan ook zijn dat ik als vader gewoon niet goed kan oordelen.’
.
Het tweede Pollygoonjournaal, over kijken en verwonderen, staat nu online. En wel hier.

Pollygoonjournaal

De komende drie weken schrijf ik op de Wintertuinblog over Polly. Het eerste Pollygoonjournaal gaat over kinderliedjes, Kinderen voor Kinderen en het kolfapparaat.
‘Zo gaan we de nacht in, met melk en muziek.’
.
Je leest het hier.

De kapsalon

Aan het begin van de dag zoek ik de website van de kapsalon op voor het telefoonnummer en bel ik om te vragen of er nog plek is. Mijn vriendin bekijkt intussen de foto waarop alle medewerkers staan. Als ik heb opgehangen, wijs ik naar de foto en vertel ik dat Diana is gaan samenwonen boven de horlogezaak en dat Cindy en Mariska uit Groesbeek komen. Mijn vriendin is onder de indruk.
Aangekomen bij de kapsalon blijkt dat Cindy zwanger is en dat ze op Sky Radio  tussen negen en tien alleen maar hits uit de nineties draaien. Bij No Limits zegt Diana: ‘Oei, nu komen er allemaal herinneringen naar boven.’
‘Ja,’ zegt Cindy.
Samen luisteren we in stilte naar Ray en Anita.
‘Je bent al drie maanden niet geweest,’ zegt Diana dan, terwijl ze een pluk haar tussen twee vingers houdt.
Als ik met een kort geknipt koppie weer buiten sta, klaar om op de fiets te springen, sms ik mijn vriendin en doe verslag. Op mijn werk stuur ik haar nog een selfie van mijn nieuwe look en vermeld erbij: ‘Met een beetje wax van Diana.’